Herbert Blankesteijn.
Herbert Blankesteijn. (Foto: PR)

Geel gazon

  Nieuwsflits

Een geel gazon is meestal geen goed teken. Toch zijn wij blij met ons gele gazon. Ik zal uitleggen waarom. We zijn bezig aan onze derde droge zomer op rij en ik heb het altijd vertikt om te sproeien. Ik dacht: dat gras komt wel terug. Dat blijk niet zo te zijn. Intussen zijn de grassprietjes in de minderheid. Andere soorten groeien nu op het vroegere gazon. Zie je wel, roepen alle lezers nu, had je maar moeten sproeien.

Daar ben ik het niet mee eens. De nieuwe situatie is beter, want de huidige soorten – geen idee hoe ze heten – kunnen beter tegen de droogte. Doordat ik niet sproeide, hebben soorten een kans gekregen die groen blijven, wat er ook gebeurt. Dankzij de natuurlijke selectie. Als ik er elke veertien dagen met een grasmaaier overheen rijd, blijft het een groene vlakte, zonder sproeien, al is de aanblik iets anders dan die van een grasveldje. Het deed mij denken aan een meningsverschil dat ik had met mijn vader, die klaagde over mos op zijn gazon, dat hij niet weg kreeg. Dan laat je het staan, probeerde ik, mos is ook groen, het is lekker zacht, het groeit niet zo hard als gras en het is mooi. En als je het niet probeert weg te krijgen, hoef je ook niet te klagen. Alleen maar voordelen. Het was helaas aan dovemansoren gericht.

Maar goed, ons gazon. Hoe werd het dan toch geel? Simpel: ik vergat het één keer te maaien. De plantjes die er inmiddels stonden grepen hun kans en opeens stond daar een zee van gele bloemen. Biggenkruid, vermoeden we na wat googelen. Mensen die voorbijfietsen zitten achterstevoren op hun rijwiel, zo mooi is het. Allerlei bijen, zweefvliegen en andere insecten gaan van bloem naar bloem. Je kunt er zo een folder voor natuurbescherming van maken. Ik zeg het vaker en ik zal het nog wel vaker zeggen: als je lang genoeg niks doet, wordt het vanzelf mooi.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden