't Verhaal van Willem: Dienstverlening

Eèn van de bekendste vorm van dienstverlening is wel de bezorging aan huis van de eerste levensbehoeften. Dat is toch even mooi gezegd, of niet. Het komt er natuurlijk op neer dat men vroeger vrijwel alles thuisbezorgd kreeg. Slagersjongens snelden in troepen door het dorp om mensen van vlees te voorzien. Winkelkarren gingen de boer op om levensmiddelen te verkopen. Manufacturiers gingen met koffersvol kleding en stoffen de mensen langs om hun de spullen te tonen en het gekochte later thuis te bezorgen. Kolenboeren bezorgden de kolen tot in het kolenhok. Aardappels werden bezorgd tot in de kelder.

De boeren gingen het dorp in om de melk te verkopen. De meesten woonden niet te ver van het dorp af en sommigen hadden personeel dat er voor hun op uit trok. Met een handkar gingen ze de huizen langs om iedereen z'n portie melk te leveren. Hun assortiment was niet erg groot. Volle melk, dat was het enigste. Rechtstreeks van de koe, dat wel. In mooie koperen kannen die glommen in de zon. Later werden deze kannen op een bakfiets gezet en nu staan ze in sommige gevallen nog ergens op een zolder. Ze glimmen vermoedelijk niet meer zo. Natuurlijk had iedere boer zo zijn eigen klanten en ze gingen links en rechts het dorp door en sommigen kwamen in alle straten. En verscheidene melkboeren kwamen elkaar tegen. 

Dat moest natuurlijk efficienter. De Wincoz, de voorloper van de Coberco, of het gevolg van de oorspronkelijke boterfabriek, ging de zaak saneren. Ze was zelf al begonnen met de melkverkoop, toen kocht ze de andere melkboeren uit, en nam soms het personeel over. Nu kwam in het vervolg in iedere straat maar één melkboer. Het assortiment was aanmerkelijk groter, ze verkochten al diverse soorten pap en al de andere nieuwe melkproducten die er zo geleidelijk aan kwamen.
Voor de vrouwen was het gemakkelijk, ze konden er bijna de klok op gelijk zetten, om zo en zo laat kwam de melkboer. In vele gevallen was het een graag geziene persoon en was vaak kind aan huis bij de mensen. In sommige gevallen was hij bijna familie. Vaak ging hij aan de achterkant van het huis naar binnen en stapte vaak gewoon de keuken binnen. Het gevolg was natuurlijk dat zo'n man in vele dingen goed op de hoogte was. Hij wist van echtelijke- en burenruzie, moest alle verhalen aanhoren waar de mensen mee zaten of wat hun bezig hield. Hij kreeg daardoor de kans een heleboel mensenkennis op te doen waar iedereen gebruik van mocht maken. Hij werd daardoor een halve psycholoog. En natuurlijk kon hij terwille van z'n klanten geen misbruik maken van alles wat hij zo te weten kwam. Dan zou hij gauw z'n klanten kwijt raken en er uitliggen. De "kruideniersmentaliteit" waar wel eens minachtend over gesproken wordt was gewoon een levensnood­zaak .

Er is niet veel meer over. De zaak is nu zo gesaneerd dat er daardoor duizenden op straat kwamen te staan. Het verdwijnen van de kleine middenstand heeft meer werklozen veroorzaakt dan menige catastrofe van een of ander groot concern. Er werd niet veel over gepraat en op de tv werd er niet over gesproken al heeft het menige Nederlander vele slapeloze nachten bezorgd. Afgezien van een enkele SRV-man is de hele bezorging verleden tijd. Ofschoon vele vrouwen nu werken en bijna geen tijd hebben zijn ze nu verplicht hun boodschappen zelf te halen en ze dienen daarbij onmiddellijk te betalen. Aan de kassa van de supermarkt wordt niet gepoft en praatjes van 'ik betaal morgen wel' heeft geen effect meer. De melkboer van vroeger had z'n halve klandizie in het boekje staan. Natuurlijk kwam dat geld er in 99% van de gevallen wel maar hij moest toch heel vaak wat voorschieten.

Misschien zijn de mensen nu wel wat goedkoper uit maar de goedkoopte moeten de mensen nu zelf op brengen door het werk zelf te doen. Ze moeten sjouwen om hun spullen mee te krijgen. De auto moet mee omdat het anders niet mee kan en waar laat ik de kinderen zolang en waar laat ik m'n auto. Net als met zoveel dingen zeggen we dan: Ja,'t zal wel niet anders kunnen maar is het veel beter??