Vertegenwoordigers van sportverenigingen bespraken donderdag de subsidiedoelstellingen van de gemeente. Foto: Karin van der Velden
Vertegenwoordigers van sportverenigingen bespraken donderdag de subsidiedoelstellingen van de gemeente. Foto: Karin van der Velden

Verenigingen praten mee over subsidies

Algemeen

Didam - De gemeente Montferland organiseerde vorige week twee avonden waarop verenigingen konden meepraten over het subsidiebeleid. De verenigingen werden gerustgesteld, er komt geen bezuinigingsronde. Er worden wel normen gesteld waarmee de hoogte van incidentele subsidies wordt berekend.

Door Karin van der Velden

De cultuurverenigingen werden op dinsdag uitgenodigd. In vier groepjes van zo’n acht tot tien deelnemers werd er gesproken over de doelen van de subsidies en de activiteiten die verenigingen organiseren. Wat zijn de problemen waar verenigingen tegenaan lopen? 

De gemeente wilde deze avond informatie ophalen. Er werd toegezegd dat de verenigingen ook antwoorden krijgen op de vragen die deze avond aan de orde zouden komen.

Geert Teunissen, die de avond leidde, benadrukte: “Verenigingen vinden we heel belangrijk, zij zijn cement van de maatschappij, de olie die in de samenleving zit. Jullie zijn de ervaringsdeskundigen, denk mee over wat er tot nu toe is opgeschreven.”

“Subsidies die verstrekt worden komen uiteindelijk ten goede aan de inwoners”, zegt Marius Duurland, bestuursondersteuner bij de gemeente. “Het beleid maken we om vast te leggen wat we met die subsidie willen bereiken.” De subsidies die de gemeente verstrekt, variëren van 500 euro voor een activiteit tot bijna twee miljoen voor de Stichting Welcom. “De eisen die je aan een professionele organisatie stelt, zijn ook heel anders.”

De eerste vraag die de verenigingen voorgeschoteld kregen, was: “Wat vind je van de doelen in het beleidskader.” De gemeente geeft subsidie om verenigingen in stand te houden en om mensen te stimuleren aan het verenigingsleven deel te nemen. Voor het betrekken van ouderen, jeugd en mensen met een beperking is er extra aandacht. 

Marius benadrukt dat de oogst van vanavond ook is dat verenigingen met elkaar in gesprek gaan en ideeën uitwisselen. Dat gebeurt volop. Verenigingen hebben dezelfde uitdagingen. Hoe betrek je nou die jeugd en waar vind je ze? En hoe kom je in contact met mensen met een beperking en wat kun je ze dan bieden? Datzelfde geldt voor nieuwkomers in de gemeente. Het weer uitgeven van een gids waarin alle verenigingen worden genoemd, is een van de ideeën. Verschillende cultuurverenigingen hebben het probleem dat ze niet over een geschikte ruimte kunnen beschikken. Dat is een van de verschillen met sportverenigingen, zij kwamen op donderdag bij elkaar. Sportverenigingen beschikken vaak wel over een eigen accommodatie, ook al voldoet die ook niet altijd aan de wensen van leden.

Een ander verschil is dat bij de cultuurverenigingen de activiteiten vaker een middel zijn om elkaar te ontmoeten. Sommige sporters hechten daarentegen niet veel aan een nazit of derde helft. Dat maakt het ook moeilijk om vrijwilligers te vinden. “Het zijn vaak de vrouwen van de bestuursleden die de bardiensten draaien.” Zelfs het vinden van betaalde leiding is voor sommige verenigingen een probleem.

De doelen voor het verstrekken van subsidies aan de sportsector zijn ook anders. Meer inwoners laten bewegen moet ervoor zorgen dat de gezondheid verbetert, dat er minder kinderen zijn met obesitas en minder valongelukken bij ouderen.

Er werden gezamenlijk heel wat activiteiten bedacht om meer deelnemers aan activiteiten te krijgen. Het geven van clinics werd genoemd of het aanbieden van alternatieven, zoals een jeu de boulesbaan bij een tennisvereniging. Er werd een idee geopperd om dag te organiseren waar verenigingen zich presenteren.
Verenigingen willen bij hun uitdagingen graag ondersteuning. Samenwerken, kennis delen. De gemeente zou daar ook een rol kunnen spelen door vaker verenigingen samen te brengen.

De informatie die deze wee avonden is verzameld, wordt teruggekoppeld aan de aanwezige verenigingen. Zij kunnen daarop reageren. Het college stelt vervolgens normen voor de hoogte van subsidies vast. Die worden aan alle verenigingen toegezonden en ook dan is er nog de mogelijkheid om te reageren. Het document zal behandeld worden in de gemeenteraadsvergadering van 6 december. Het nieuwe beleid voor incidentele subsidies gaat in op 1 januari 2024.