Adieu Jan
Op zekere dag komt hij met z'n scooter het erf oprijden. Hij was ons warm aanbevolen door onze voormalige hulp in de huishouding. Klein, gedrongen, gezet en met priemende oogjes stelde hij zich voor: Jan uit Diem.
Veel woorden werden er niet gezegd bij de kennismaking, Jan, type Piet Bambergen, toog meteen aan de slag. En dat heeft meer dan tien jaar gedaan, in weer en wind, tegen een schappelijk tarief.
Jan was echt een manusje-van-alles. Hij kon veel met z'n handen. Als zich ergens een probleem voordeed kwam hij al gauw met een oplossing. Klussen, waarvoor je normaal gesproken meer man nodig hebt, wist Jan in zijn eentje te klaren, hij kende allerlei trucjes, handigheidjes.
Zwaar werk schuwde hij niet. En dat was in 2010 hard nodig want toen vond hier een grote verbouwing plaats. Diverse schuren moesten tegen de vlakte terwijl er ook het nodige grondwerk was. Maandenlang werkten we zij aan zij waarbij ik, geboren met twee linkerhanden. zorgvuldig de adviezen van Jan opvolgde. Hij had veel geduld met zijn compagnon ('Henkie, snap-ie da nie?'').
Hoogtepunt van het project was het neerhalen van een grote kapschuur. Jan had daar uiteraard iets voor bedacht. Hij bond een lang stuk touw tussen de schuur en onze bestelbus en vroeg me heel langzaam op te trekken. De kapschuur gaf eerst niet mee maar moest het uiteindelijk afleggen tegen de krachtige Mercedes- motor. Met donderend geraas kwam het gevaarte naar beneden. Het ging allemaal net goed.
Na gedane arbeid is het goed rusten. Dat deden we altijd met één potje bier en een praatje over voetba1 - hij was naar eigen zeggen ooit een snelle rechtsbuiten geweest - en politiek waar hij geen grote pet van ophad. Ook vakanties kwamen ter sprake. Zijn favoriete vakantieland was Oostenrijk waar hij met de bus naartoe ging. Hij tooide zich dan altijd met een Tiroler-hoedje vol speldjes, verzameld op eerdere reizen. Kan me zo voorstellen dat hij mede door die uitdossing de grote gangmaker was op die reizen. Na dat biertje ging hij weer Diem-waarts, naar 'de vrouw', zoals hij zijn echtgenote omschreef.
Ben een paar keer bij hem in Didam, pardon Diem, geweest en keek dan mijn ogen uit. Want in zijn tuin stonden metershoge hokken met vogels van diverse pluimage. Het was een gekwetter en getjilp van je welste. "Als-ie nog een kippetje of een doef wil, mot je 't mar zeggen.”
Voorts zag je overal tuinkabouters en verwante soortgenoten, lichtornamenten, bloembedden, fonteintjes, ga zo maar door. Zijn laatste aanwinst was een waterornament met wisselbare kleurschijven. Het ene moment spoot het water geel, dan rood en dan weer blauw. Het was een kneuterige bonte kermis, waarin veel liefde was gestoken.
De laatste jaren hadden we niet veel contact meer, ik heb hem nog een paar keer bezocht in een zorgcentrum. Vorige week kregen we het trieste bericht dat hij op 85-jarige leeftijd is overleden. Adieu Jan, je was een authentiek mens.
.