Verkeersirritaties van stoep tot snelweg
Meestal ben ik behoorlijk opgewekt van aard, maar in het verkeer kan ik vreselijk mopperen. In de auto doe ik dat ook hardop, soms scheldend. Het lucht op, echt waar.
Toen ik op de middelbare school zat en regelmatig naar het station fietste, werd ik in het voetgangersgebied een keer aangehouden. In het centrum van Zevenaar zijn er wat steegjes en in een ervan had een politieagent zich verdekt opgesteld. Ik had geen schijn van kans en kreeg een hele preek. 's Morgens om half zeven, terwijl er helemaal niemand in het centrum liep...
Als ik nu de deur uitloop, moet ik al goed uitkijken, want het gebeurt regelmatig dat jongens (het zijn altijd jongens) op een fatbike met hoge snelheid over de stoep racen. De volgende uitdaging komt bij een zijstraat die ik moet oversteken. Ik heb geleerd dat rechtdoorgaand verkeer altijd voorrang heeft boven afslaand verkeer. Ik zie de afbeeldingen in de theorieles nog zo voor me. Voetgangers, fietsers en als paardenmeisje weet ik nog dat er zelfs een ruiter rechtdoor reed, terwijl de auto afsloeg. Allemaal hebben ze voorrang. Nu moet je ogen in je achterhoofd hebben, het lijkt wel of niemand die regel (nog) kent...
Bij de spoorwegovergang in het centrum van Didam zijn de voorrangsregels zo aangepast dat auto's niet het risico lopen dat ze op de overgang stilstaan. Toch worden haaientanden vaak genegeerd. Omdat bestuurders zich tussen de stroom wachtende auto's willen wurmen, kan het tegemoetkomend verkeer niet doorrijden. Het is maar goed dat de treinen niet zo snel na elkaar komen...
En ken je dat: Je wordt op de snelweg (hier zeggen we meestal autobaan) ingehaald. Vervolgens gaat de auto voor je rijden en laat het gas los. Kun jij weer inhalen... Of van die irritante bumperklevers. Ga je netjes naar rechts, halen ze je in met 101 km per uur, terwijl jij 100 rijdt. Vervolgens kun jij afremmen omdat je voorganger nog langzamer rijdt.
Wie geeft er nog richting aan? Of steekt nog een hand uit bij het afslaan? De pakkans is tegenwoordig maar klein. Als ik naar de rijdende rechter kijk, lach ik altijd om de parkeerperikelen, een veelvoorkomend onderwerp die voor veel irritatie zorgt: 'de buurvrouw parkeert altijd op mijn plek', de buurman zet z'n grote bus voor mijn raam'.
De irritaties in het verkeer kennen ook een andere kant. Soms laat een automobilist je voorgaan. Wordt er gestopt zodat jij een drukke weg kunt oversteken. Groeten we elkaar in het verkeer. Dat zijn dan de mooie momentjes op een dag, die een glimlach op je gezicht toveren.