Trotse opa Jos, oma Sinet, opa Piet en oma Antoinette ontvangen de persoonlijke onderscheiding van jeugdprins Laut I. Foto: Marlous Velthausz
Trotse opa Jos, oma Sinet, opa Piet en oma Antoinette ontvangen de persoonlijke onderscheiding van jeugdprins Laut I. Foto: Marlous Velthausz

‘Later wil ik grote prins worden’

Cultuur

’S-HEERENBERG – Terwijl de rest van Nederland nog gewoon aan het werk is, staat er in Waskupenstad een jonge carnavalshoogheid te trappelen van ongeduld. Laut I is dit jaar de jeugdprins. Als het aan hem ligt, is dit pas het begin van een glansrijke carrière. “Carnaval zit in mijn bloed”, vertelt de kersverse prins stralend.

Door Marlous Velthausz

Wie naar de geboortegegevens van Laut kijkt, ziet direct dat het geen toeval kan zijn. Hij werd geboren om precies 11:11 uur. En laat hij dit jaar ook nog eens 11 jaar worden! Dat moet wel een rasechte carnavalist in de dop zijn. Het feestvieren is hem bovendien met de paplepel ingegoten. In 1994 zwaaide zijn vader, Jeroen I, al met de scepter als jeugdprins. En zijn moeder? Die stond toen ook op het podium, zij was dansmarietje bij zijn vader. “Wat een toeval, hè?” lacht Laut.

De weg naar de troon
Jeugdprins word je natuurlijk niet zomaar; daar moet je wel wat voor over hebben. In Waskupenstad mogen kinderen uit groep 7 en 8 zich kandidaat stellen door een overtuigend filmpje te maken voor de delegatie van de Olde Waskupen. Voor Laut was het een spannende tijd na het insturen. Ruim een week later kwam het verlossende telefoontje. Hoewel Laut al diep in slaap was, maakten zijn vader en moeder hem direct wakker om het grote nieuws te vertellen. “Ik kon het bijna niet geloven, ik was zo ontzettend blij!”, blikt de prins glunderend terug.

Geen onbekende
Hoewel hij nu de belangrijkste jeugdtitel draagt, is Laut geen beginneling. In 2024 en 2025 was hij al jeugdpresident. Hij kent dus al redelijk de kneepjes van het vak. Hij weet precies wat hem te wachten staat, al heeft hij wel een paar verbeterpunten voor het programma. Als hij het voor het zeggen had, zouden ze de pop op dinsdagmiddag niet verbranden, want ‘dan is het feest namelijk opeens voorbij voor de jeugd’.

Leeuw met scoutingdasje
Samen met zijn vader heeft Laut zijn eigen onderscheiding ontworpen, die vol zit met persoonlijke details. Omdat hij een groot liefhebber is van het Nederlands voetbal, heeft hij gekozen voor een stoere leeuw. Het ontwerp is een speelse, kinderlijke versie van het klassieke ‘Olde Waskupen’-logo geworden. Omdat Laut al jaren bij de scouting zit, heeft de leeuw een groen scoutingdasje om en is het traditionele biertje in het logo vervangen door een gezellig kampvuur. Op zijn prinsensteek prijkt bovendien in roodwitte letters het motto van dit jaar: ‘Mot könne’.

Familiefeest
Als jeugdprins weet je niet wie er in het gevolg zitten. Het was dus een grote verrassing dat er veel bekenden bij zijn. Zijn zusje Rhea is dansmarietje en vindt het geweldig dat ze nu veel activiteiten met haar grote broer mee mag beleven. In de Raad van Elf zitten ook nog eens neef Sten en achterneef Quint.

Ook de opa’s en oma’s dragen hun steentje bij in de residentie. De eerste onderscheidingen zijn dan ook al aan hen uitgedeeld. “Dat was heel ontroerend,” aldus een blije prins. “Ik ben om de week een dag bij hen en dan doen we leuke dingen. Nu gaan ze voor ons zorgen in de residentie, zodat we op tijd eten en drinken.” De carnavalsgenen komen duidelijk van twee kanten: beide opa’s zijn al eens ‘Carnavalist van het jaar’ geweest en opa Piet draagt zelfs het ‘Commandeurschap in de orde van d’Olde Waskupen’.

Ultieme droom
Rosenmontag is voor Laut het absolute hoogtepunt. Hij mag dan tijdens de kindercarnavalsoptocht op de grote prinsenwagen staan en snoep strooien naar alle kinderen. Maar als je hem vraagt wat hij later wil worden als hij groot is, dan komt hij niet met brandweerman of piloot. Zijn antwoord is vastberaden: “Grote prins van Waskupenstad worden!”

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant