Nieuwe college. Foto: LEEV FOTOGRAFIE
Nieuwe college. Foto: LEEV FOTOGRAFIE LEEVFOTOGRAFIE

Kennismaking met het nieuwe college: ‘We zijn er voor alle inwoners van Montferland’

Politiek

DIDAM - Met de installatie van het nieuwe college op 2 juli is de gemeente Montferland aan een nieuwe bestuursperiode begonnen. Twee wethouders blijven aan, één keert terug na vier jaar afwezigheid en twee nieuwkomers brengen een stevige bestuurlijke achtergrond mee. Samen willen zij voortbouwen op de ingezette koers, met meer aandacht voor samenwerking, projectmatig werken en de grote opgaven waar Montferland de komende jaren voor staat.

Door Karin van der Velden

Ervaren krachten zijn wethouders Ingrid Wolsing (PRO) en Jeanette Derksen (LBM), die in de vorige bestuursperiode deel uitmaakten van het college. Martin Som (VVD) maakt zijn rentree als wethouder na een onderbreking van vier jaar. Nieuw zijn Merel Balduk en Chiel Polman (CDA). Hoewel zij voor het eerst wethouder zijn in Montferland, beschikken zij over ruime ervaring binnen het openbaar bestuur en de gemeentelijke overheid.

Vijf wethouders: luxe of noodzaak?
Met vijf wethouders beschikt Montferland over 4,4 fte aan bestuurders. Dat is hetzelfde aantal als acht jaar geleden. Toch roept de uitbreiding ten opzichte van de afgelopen periode vragen op. Is vijf wethouders niet te veel? Volgens het college niet. De omvang is vergeleken met omliggende gemeenten en ligt volgens de bestuurders in lijn met gemeenten van vergelijkbare grootte. Bovendien komen er steeds meer taken op de gemeente af.

“Als je extra dingen wilt doen, heb je daar extra capaciteit voor nodig,” klinkt het eensgezind.

Martin Som wijst erop dat gemeenten steeds meer verantwoordelijkheden krijgen. “Bij nieuwe taken komt meer geld beschikbaar. Dat vraagt niet alleen om uitvoeringskracht, maar ook om bestuurskracht.”

Grote opgaven
Elke wethouder ziet de komende jaren duidelijke uitdagingen. Jeanette Derksen wil projectmatig werken verder professionaliseren. Volgens haar is dat noodzakelijk om de steeds complexere opgaven goed te kunnen organiseren.

Merel Balduk ziet vooral de groei van Montferland als belangrijke ontwikkeling. “Er worden veel woningen gebouwd. Dat betekent dat je moet nadenken over voorzieningen. Denk aan verkeersontsluiting, huisartsen en andere voorzieningen die met die groei mee moeten ontwikkelen.”

Daarnaast ziet Merel dat Montferland steeds intensiever samenwerkt in de regio. “Wat je slimmer en efficiënter regionaal kunt organiseren, moet je zeker samen doen. Dat vraagt wel tijd en inzet. Je moet bij die regionale besprekingen aan tafel zitten.”

Voor Ingrid Wolsing blijft de energietransitie een belangrijk speerpunt. “We willen een volgende stap zetten. Niet alleen met verduurzaming van woningen, we gaan aan de slag met grote projecten zoals warmtenetten, het verduurzamen van bedrijventerreinen en collectieve warmtevoorzieningen in nieuwbouw.”

Andere bestuurscultuur
In de vorige periode werd gewerkt met een raadsakkoord. Zowel raad als college vonden dat achteraf te vrijblijvend. In een coalitieakkoord zijn de afspraken meer in beton gegoten. Dat was niet de wens van dit nieuwe college. De basis nu is een coalitieprogramma, dat ruimte biedt voor aanpassingen.

Alle partijen kregen de gelegenheid om onderwerpen aan te dragen. Partijen die uiteindelijk geen deel uitmaken van de coalitie herkennen volgens het college onderdelen van hun eigen inbreng in het akkoord. Organisaties in het maatschappelijk veld, zoals verenigingen, werd gevraagd onderwerpen aan te dragen. Hun wensen zijn in het coalitieprogramma verwerkt. En de ambtelijke organisatie speelde een grotere rol: ambtenaren hebben per project de stand van zaken uitgelegd.

Merel Balduk ziet daarin een verandering in de politieke cultuur. “We hebben stappen gezet in hoe we met elkaar samenwerken. De vorige periode zijn er al veel gezamenlijke moties ingediend, in steeds wisselende samenstellingen. Je hoeft het niet altijd met elkaar eens te zijn, je moet wel accepteren dat verschillen er mogen zijn.”

Het coalitieprogramma wordt de komende tijd verder uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma.

Besturen voor de hele raad
Dat het college bestaat uit wethouders van verschillende partijen betekent volgens Martin Som niet dat zij uitsluitend hun eigen achterban vertegenwoordigen. “Ik zit hier niet als VVD-wethouder, ik ben wethouder voor alle inwoners van Montferland. We zoeken veel meer naar breed draagvlak.”

Raadsleden mogen afwijkend stemmen, de coalitie verwacht daarover wel transparantie: “Dat mensen in de raad uiteindelijk anders stemmen, kan, we willen elkaar daar niet mee verrassen. De basis is dat je elkaar probeert te begrijpen.”

Ingrid Wolsing noemt de samenwerking bijzonder. “Dit is inmiddels mijn vierde bestuursperiode, dit heb ik niet eerder zo meegemaakt.”

Discussie over het AZC
Een van de meest besproken onderwerpen blijft de mogelijke komst van een asielzoekerscentrum. Dit dossier blijft onder verantwoordelijkheid van burgemeester Anne-Marie Fellinger. Volgens de burgemeester haalt dat de politieke lading zoveel mogelijk uit het dossier. “Ik ben onafhankelijk en het dossier lag al bij mij.”

De burgemeester kijkt positief terug op de raadsvergadering waarin de eerste kaders werden besproken. “Er is goed naar de insprekers geluisterd. Het is geruststellend dat de raad niet zomaar kaders uit de lucht wil grijpen, maar verantwoordelijkheid neemt en het proces gezamenlijk wil oppakken.” Het is belangrijk dat de gemeente zelf de regie houdt: “Als wij zelf keuzes maken, kunnen we rekening houden met de wensen van onze inwoners.”

Afwezigheid Helder
Tijdens dit eerste belangrijke politieke debat was de grootste oppositiepartij, Helder, uit principe afwezig. Volgens Merel Balduk is dat een politieke keuze. “Gelukkig mogen we in dit land van mening verschillen.” Ingrid Wolsing vult aan: “Het is wel fijn als je verschillende meningen in de raad met elkaar bespreekt en niet via sociale media. De PVV had ook een andere mening, die partij was wel aanwezig.”

Nevelhorst
De toekomst van recreatiegebied Nevelhorst komt de komende periode terug op de agenda. De wens dat in het baggergat weer gezwommen kan worden, wordt breed gedragen. Martin Som gaat hierover opnieuw in gesprek met Leisurelands. Met een glimlach merkt hij op dat hij daar nog een bekend gezicht tegenkomt. “Kees Rutten zat er al toen ik mijn vorige periode wethouder was.”

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant