
Lompe Loetje en de schemerlampkap
OpinieMijn hondenkind is vorige week geopereerd. Alle toekomstige blindengeleidehonden worden gecastreerd of gesteriliseerd om ongemak bij cliënten te voorkomen. Je kunt je misschien voorstellen dat het, zeker als je blind bent, niet zo prettig is om met een reu te lopen die de geur van een loopse teef in de neus heeft. Of met een loopse teef die voortdurend belaagd wordt door welwillende reuen. En dan hebben we het nog niet eens over het praktische deel. Een loopse teef neem je niet zomaar mee naar je werk of in het openbaar vervoer. Bovendien is het lastig schoonmaken als je niet kunt zien waar de bloeddruppels zijn terechtgekomen.
En voor wie nu denkt: wat zielig, het dier wordt weer opgeofferd aan de mens; castratie en sterilisatie worden tegenwoordig door veel dierenartsen aanbevolen als je niet van plan bent om met een hond te fokken. Het verkleint op latere leeftijd de kans op tumoren en ontstekingen. En misschien is het nog wel zieliger als hormonen door je lijf gieren en je daar nooit iets mee mag doen.
‘Onze’ Bennie had bovendien een niet-ingedaalde bal. Die verwijderen is een een pittige ingreep.
Mijn hondenmoederhart had het er moeilijk mee. Zo’n dier kan je niet vertellen wat het voelt. De eerste drie nachten sliep ik beneden op de bank om dicht bij hem te zijn. Eerst droeg Bennie een soort rompertje, daarna moest hij over op de onvermijdelijke kap. Dat was op zichzelf al een avontuur. Met zo’n schemerlamp om je hoofd loop je overal tegenaan. In het begin manoeuvreerde hij nog voorzichtig achteruit tussen stoelen en de salontafel door. Een paar dagen later was de kap geen enkele belemmering meer. Lompe Loetje beukte overal dwars doorheen. Ook langs onze blote benen. Geloof me: de rand van zo’n kap is verrassend scherp. Dat nemen we voor lief. Voor een goede genezing heb je iets over.
Wat ik veel zieliger vind, is dat hij zich niet kan krabben. Natuurlijk, precies daarvoor draagt hij die kap. Toch kan ik me zó voorstellen hoe frustrerend het is om gek te worden van de jeuk en er simpelweg niet bij te kunnen. En wat denk je van zijn persoonlijke hygiëne? Een beetje hond is schoon op z’n intieme delen! Achter zijn oren kan ik hem krabben. Met een vochtig doekje houd ik hem een beetje fris en de wond kan ik af en toe wat reinigen.
Maar die jeuk. Als mens kun je zeggen: “Een beetje hoger, iets naar links. Ja, dáár.” En als je geluk hebt, is er iemand die precies dat plekje voor je krabt. Bennie moet het doen met een baas die alleen maar kan zeggen: “Nee jongen, niet aan zitten.” We moeten beiden nog even volhouden...










